Viering in TBS-kliniek



De controlelampjes flikkeren felrood en een hoge piep ontsnapt aan de controlepoortjes. Sinds een tijdje bezoek ik regelmatig de vieringen op zondagavond in een TBS-kliniek. Bij binnenkomst moet ik me ontdoen van tas, horloge, smartphone, sleutelbos, riem en metaal. Het is net Schiphol. Door ervaring wijs geworden laat ik de hele rataplan thuis en zo mag ik gewoon doorlopen ondanks een klein piepje. Maar nu zit er een strenge bewaker achter het glazen loket en spreekt me aan op het laatste, kleine piepje. Op het scherm brandt een lampje ter hoogte van mijn beugel-BH. Of ik die de volgende keer thuis kan laten anders kom ik er niet in. “Maar ik heb geen andere BH’s” zeg ik beteuterd. “Dan is er een grote kans dat u wordt teruggestuurd” is zijn repliek. 

Eenmaal binnen volg ik de wandelroute door lange gangen richting kapel. Soms loopt er een bewaker mee, soms vangt de voorganger ons op bij de klapdeuren die allemaal automatisch vergrendeld zijn en alleen met een pasje opengaan. Als alle hindernissen genomen zijn, kom ik in de kapel. Een sfeervolle ruimte met beschilderd glas in de ramen, schilderijen aan de muur en bloemen op tafel. De kaarsen branden. Elke zondagavond is hier een kort moment met zang, gebed en een kleine overdenking voor de mensen die hier zitten opgesloten. Om de verbinding met de samenleving levend te houden, komen hier ook een aantal vrijwilligers. Er zit een psychiater bij, een jurist, een gepensioneerde en nu ook een kunstenaar. Vaak zijn het mensen uit de lokale kerk die deze vieringen regelmatig bezoeken. De voorganger in trui en veterboots begroet de mensen die binnenkomen. Hoofdzakelijk mannen. Sommige mannen komen met hun begeleider. Ik heb tweemaal een vrouw gezien.

Dan gaat de viering van start met woorden van welkom. “Voel je welkom zoals je bent, je mag hier zijn met alles wat er is.” Iemand wordt uitgenodigd de grote kaars aan te steken en woorden klinken over licht dat in mensen is ontstoken. In deze periode gaan ook de adventskaarsen aan. Dan volgt een mooi lied op groot volume uit een kleine speaker die bediend wordt door de dominee met zijn telefoon. Een liedje van Celine Dion, Maria Carrey of een andere aansprekende zangeres. Er wordt wat mee gehumd en soms gezongen. Ook geestelijke liederen uit het liedboek of een opwekkingslied komt voorbij. Soms zijn er zes bezoekers soms wel vijftien. De ene zondag ben ik alleen en een andere keer zijn er drie vrijwilligers tegelijk. Dan lezen we een tekst. Danny steekt zijn vinger op en leest de tekst uit Mattheus hardop voor. De dominee geeft zijn overdenking. Hij spreekt zijn publiek direct toe in gewone mensentaal. Niet hoogdravend maar zacht en liefdevol. Af en toe verbindt hij de tekst met de situatie waarin deze mensen zitten. Schuld en schaamte komen voorbij. Vergeving.



De viering eindigt met het ontsteken van kleine waxinelichtjes die elke bezoeker mag aansteken voor een dierbare. Vooraan ontstaat een rij. De voorste geeft de brandende kaars door naar achteren en zo komt iedereen aan de beurt. Sommige mensen steken wel vier kaarsjes aan. Dan wordt er voorbede gedaan. Er gaan vingers de lucht in. “Wil je voor mijn moeder bidden?” Op de achterste rij vraagt iemand: “Wil je voor Kevin bidden, hij heeft het moeilijk nu.” Zo volgen nog enkele verzoeken. De voorganger slaat alles op in zijn fotografisch geheugen en memoreert de namen in zijn gebed dat volgt. We zijn ook even stil. Dan volgt de zegen en is er koffie en thee.


De laatste keer was een vrouw jarig en iemand had een taart voor haar gebakken. Ze vertelt dat ze oorbellen van haar moeder heeft gekregen. Het zijn clips en ze vraagt of ze goed zitten. “Moeten ze niet wat dichter op mijn oor?” Ze laat een ander cadeautje zien, een kettinkje van het Kruidvat, “Mooi he?” Ik zit naast Danny die mij deelgenoot maakt van zijn gewonnen Dart-wedstrijden. Hij vouwt wel vijf A4-tjes open met getallen van gespeelde wedstrijden met zijn maten. Hij heeft ze bijna allemaal gewonnen en glimt van trots. Hij laat zijn Ajax-T-shirt zien want hij is fan en toont ook nog even zijn vorkheftruck-rijbewijs. Hij vertelt dat hij vandaag bezoek heeft gehad van zijn 84-jarige moeder. Met haar autootje komt ze uit Noord Holland naar het midden van het land om haar 52-jarige zoon te bezoeken die vastzit. Ook mijn andere buurman van midden vijftig vertelt over zijn 80-jarige ouders die elke week op bezoek komen. Ze maken zich zorgen en zijn soms kwaad over de gang van zaken. Ik realiseer me hoe bevoorrecht ik ben met twee jong volwassen zoons die zijn uitgevlogen en zelfstandig hun leven op poten hebben. Ik maak me weinig tot geen zorgen. Deze grote, volwassen mannen zijn nog steeds zoon van hun bezorgde ouders. Het leven is hen uit de handen geglipt. Hoe groot moet de zorg en het verdriet zijn voor hen maar ook voor hun ouders, mensen op leeftijd. Voor hen geen rustige oude dag. Aan alles merk je hoe blij de bewoners zijn dat er naar hen wordt omgekeken. Een avond per week kletsen over het WK met mensen buiten de muren. Ik weet niet waarom deze mannen hier zitten. Beter ook. Nu kan ik ze onbevangen tegemoet treden. Na afloop loop ik door de gangen, de klapdeuren door en de piepende poortjes, de vrijheid tegemoet.

Onbereikbaar


Mijn drang tot ordening en opruimen werkt soms tegen me. Vandaag ben ik in mijn atelier en ruim de tafel op bij het weggaan. Rapend in papieren en tijdschriften creëer ik een mooie stapel. De Ipad leg ik er bovenop zodat ik morgen gelijk de digitale krant kan lezen zonder het zware ding heen en weer te sjouwen naar huis. Ik negeer even de inbraak onlangs in mijn studio en blijf uitgaan van het goede in mensen. Vlak voor ik ga, check ik nog even mijn telefoon en kijk naar het weer. Vanmiddag lekker weertje om buiten te zijn. Vanavond wat regen voorspeld dus de kussens uit de tuinstoelen toch maar naar binnen nu. Er komt een mooie foto online van manlief bij een vuurtoren in Denemarken. Hij is een paar weken op zee aan het zeilen. Ik pak mijn sleutels, draai de deur op slot en fiets naar huis. Thuisgekomen gaat de tas open. Er zitten drie vakken in mijn handige camel bag waardoor ook hier orde heerst. Bovendien heb ik de tas nog even uitgemest in het atelier en ontdaan van oude papieren, reclamefolders en bonnetjes. Mensen denken dat ik alleen maar schilder in mijn atelier maar daar gebeuren ook een hele hoop andere dingen zoals plakken, knippen, kijken, vegen, opruimen, kijken, koffie zetten, denken, lezen, kijken, componeren, kijken, rommelen, zoeken, schuiven en kijken. En als ik eraan toekom, schilderen.

De tas trek ik open om mijn telefoon op de bar te leggen, de zonnebril op het aanrecht. Ik zie echter geen geel leren hoesje met smartphone. Ik doorzoek nogmaals alledrie de vakken maar ben gauw uitgekeken. Niets, nada. Ook achterin het vakje met het ritsje zit mijn 'lifeline naar de wereld' niet verstopt. Ik kan me niet voorstellen dat ik hem verloren ben. Dus geen paniek. Hij ligt waarschijnlijk op het geordende stapeltje op de werktafel in mijn atelier. Smartphone bij iPad, dat zal mijn onbewuste wel een logische combi hebben gevonden. 

Wat nu? Ik ga niet terugfietsen want ik heb er net een prachtige, extra lange fietstocht op zitten langs de Vecht en via Tienhoven met een omweg door het Noorderpark. Nu heb ik trek, wil graag wat eten en dan lekker lui de zon in. Eenmaal in de stoel, knaagt er wel iets. We hebben ook geen vaste telefoonlijn meer. Net deze week zit manlief op zee en kan mij dus niet bereiken. Maar ik heb wel zijn beeltenis gezien dus hij leeft nog. Een vriendin heeft een luisterend oor nodig maar kan ik dus niet bereiken. Mijn schoonmoeder van 93 jaar was in het weekend nog 'life and kicking' maar moet ook niet plotseling iets raars krijgen. Mijn aandacht richt ik op het boek van Stine Jensen over guru's en misstanden in de spirituele yoga-wereld. Als ik thee ga halen, wil ik even op mijn telefoon kijken. Oh nee, dat kan niet. Geen gezeik, ik ga deze uitdaging gewoon aan. Wat is 24 uur zonder telefoon? Nou ja, ook twee betaalpasjes zitten erin. Dus ook geen boodschappen. Er spelen geen belangrijke zaken dus ik ga niet extra fietsen om dat ding op te halen en al helemaal niet met de auto. Ik weet dat ik de kussens binnen moet halen vanavond voor de regen. Lekker belangrijk. Dan krijg ik een helder idee. Mijn geliefden stuur ik een kort mailtje vanaf de computer om de situatie uit te leggen. No panic, don't worry. Even niet bereikbaar.

De avond verloopt rustiger dan anders. Wat tuinieren, televisie kijken, douchen en naar bed. De volgende ochtend hoef ik niets te checken. Ook de krant kan ik niet lezen want de iPad ligt in mijn atelier op die geordende stapel. Ik maak ontbijt en pak van de weeromstuit een boek, een rustig begin van de dag. Dan fiets ik eerst naar de bibliotheek, doe een koffietje met krant en dan naar het atelier. Als ik de deur open doe, ben ik toch een beetje zenuwachtig. Stel dat hij niet binnen ligt? Ik kijk op de stapel en zie alleen de zwarte iPad. Geen geel hoesje. Speurend scan ik alle plekje waar die zou kunnen liggen. Shit, nergens. Totdat mijn blik bij het keukenblad blijft hangen. Daar naast het theeblikje met Earl Grey. Een zucht van verlichting ontsnapt als ik snel door 44 berichtjes heen scroll. 


Alles is welkom


Alles hier is welkom. Dat is de uitdagende titel van het boek van Pema Chödrön, 
een Amerikaanse boeddhistische non. Wie zegt haar dit na met de oorlog op ons netvlies? Chödrön draagt met haar boeken bij aan de verspreiding van het Tibetaans-boeddhistische kloosterleven in het westen. Zij moedigt ons aan om onze omgeving op een positieve manier te beïnvloeden. Leef vanuit een ontwaakt hart, bodhichitta. Tegenslagen kun je zien als mogelijkheden voor innerlijke groei. We kunnen leren om uit te gaan van het goede in alle mensen, ook als we het fundamenteel oneens zijn met elkaar. Dit boek viste ik uit de bieb terwijl ik net ziek was geweest. Ik had wel behoefte aan wat positiviteit.

De ochtend begin ik met een rondje om het huis als de wereld nog in slaap is rond zeven uur. Als ik de keukendeur open, dringen direct de vogelgeluiden door in mijn oren. De merel die fluit, het koolmeesje dat piept en zaagt en het geruststellende 'roekoeroekoe' van de houtduif hoog bovenin de berk. Ik adem de frisse lucht in en loop met handschoenen aan, een vest, een sjaal om en een warme kop thee in mijn handen. Ik steek de straat over en loop de opkomende zon tegemoet. Achter de overburen kun je net de zon zien tussen de bomen en de borden van de snelweg en de lampen van de sportvelden. Totaal geen idyllische plek, maar hier doe ik het mee als stadsmeisje.

Het eerst zie ik de grijze muur van de garage die roze kleurt. De weerschijning van de opkomende zon die er dus al is. Ik draai me om en zie de roze lucht en de eerste helft van de zon boven de horizon piepen. Dag zon! Oogverblindend fel.
Ik nip van de warme thee, sluit mijn ogen en drink het licht. De lucht is fris en nog een beetje ijzig. Om mij heen liggen de verfrommelde stukjes moestuin die de overburen hier bijhouden op een stukje niemandsland. Een stronk boerenkool staat fier overeind. Wat zielige bosjes ui staan er schots en scheef tussen. Daarboven hangen meters Tibetaanse gebedsvlaggetjes. Aangetast en gescheurd door weer en wind. Ze hangen hier al jaren zo te zien. Waarschijnlijk van de bewoners met de grote gele camper die regelmatig over de wereld toeren. Vogels vliegen af en aan. Een Vlaamse gaai neemt een duikvlucht, een kraai krijst en een duif maakt zich bol op een kale tak en zingt zijn refrein dat ik nog zo goed ken van vroeger thuis in Rotterdam. Daarachter hoor ik het geraas van de snelweg de A27. Het is pas half acht maar de werkende klasse is alweer opgestart. In de verte loeit een sirene van een politiewagen of is het een ambulance? Ik denk aan de oorlog in de Oekraïne en aan mijn huis dat recht overeind staat enkele meters verderop. Dankbaar loop ik terug naar mijn veilige haven. Ik omarm de ochtend, alles mag er zijn.

Alles hier is welkom, Pema Chödrön - verbindend leven in een wereld uit balans, Ten Have. De schrijfster heeft ook andere titels op haar naam staan zoals Als je wereld instort, Liefdevolle vriendelijkheid en Verzacht je hart.


De verschrikkelijke jaren tachtig


De verschrikkelijke jaren tachtig is een hilarische serie met beelden van telefoons met hoorns aan draden, pakjes Tjolk, wokkelchips, de walkman, een pakkie shag, tuinbroeken, permanentjes en de Kindertelefoon die als een rode draad door de serie loopt. De grappen en grollen gaan samen met een droevige ondertoon die gaandeweg in de serie duidelijker wordt. Overigens is de commune niet alleen iets van de jaren '80. Ook nu is het een geliefde woonvorm. Jacob Derwig vertolkt het personage Bert. Hem kennen we als acteur (onlangs nog als minister president in BuZa) maar ook als winnaar van De Slimste Mens. Derwig heeft veel algemene kennis en is ooit begonnen op het gymnasium. Goed gemanierd, welbespraakt en met veel kennis van feiten. Daarom vind ik het zo leuk dat hij als acteur ook in de huid kruipt van een plat Amsterdamse Marius Milner in de serie Klem. In die serie slaat hij mensen op z’n bek, bedreigt, scheldt iedereen uit en neemt je mee het gewelddadige, criminele circuit in. 
Als acteur verkent hij het hele spectrum aan menselijke emoties en het bijbehorende gedrag. Ongefilterd het verdriet in, de woede, de vreugde en natuurlijk verliefdheid. Hoe vaak krijg je als mens de kans om zo diep in emoties te duiken? Voor de meesten van ons speelt aanpassen, fatsoen of moraal de hoofdrol waardoor we ons meestal allemaal netjes en fatsoenlijk gedragen en de ander niet kwetsen.

Derwig heeft daar net als andere acteurs geen last van. Na de serie Klem duikt hij nu in het personage van Bert uit de jaren tachtig woongroep. De serie is geschreven door Kim van Kooten die toevallig ook zijn vrouw is sinds jaren. In een interview vertelt Kim dat ze samen veel plezier hebben gehad in het maakproces. Dan had zij een scène geschreven en las die voor aan Jacob waarna ze beiden in een deuk lagen. Zoals de scène waar Bert over een van de kinderen wil plassen die in de brandnetels is gevallen. Zonder gêne haalt hij zijn lul uit zijn broek. Dit is dan wel een kunstpenis die van set naar set reist. Bert doet alles voor de groep maar ondertussen is hij wel de Bokito. Hij neukt buiten de groep maar de communevrouwen mogen dat niet. Heel jaren 80.
Zou je als mens beter af zijn als je al die menselijke emoties zonder gêne kunt verkennen? Dat vraag ik me wel eens af. Maar vooral: hoe is dat voor je organen en je hersenen? Je hart maakt geen onderscheid tussen echte kwaadheid en geacteerde woede. Je hartslag gaat omhoog, je bloeddruk gaat omhoog, je lijf staat stijf van de testosteron en je cortisol neemt af. Ook als je iemand uitscheldt, registreren hersenen negatieve energie en gedachten. Stress, angst, rennen voor je leven en krijsen, het is bepaald niet zen. Dat doet wat, lijkt me. Zou dat brein van acteurs niet teveel in de war raken? Hun hersenen en organen hebben voortdurend te maken met nepnieuws en heftige emoties die niet waar zijn. Zou dat invloed hebben op je relaties met mensen in het echte leven?

Nu is Jacob natuurlijk een bofkont met zijn vrouw Kim van Kooten. De vrouw met de mooiste, warmste en guitigste ogen die zelf ook een rol speelt in de serie. Zo lief hoe ze kleine Piet benadert. Die Piet wordt vertolkt door Rosa van Leeuwen en is prachtig om te zien. Met haar poppengezichtje kan ze heel stoïcijns kijken maar ook flink uithalen naar Bert. “Ik haat je!!!” schreeuwt ze hem toe meerdere keren achter elkaar. Een actrice in de dop die misschien wel zo groot als Monique vd Ven gaat worden. Ook bij zo’n klein meisje vraag ik me af; hoe werkt al die shit die ze meemaakt als klein, puur acteurtje door op haar hersenen? Haar hart? Prof-voetballers hebben een verhoogde kans op dementie door alle kopballen die ze jaren uitvoeren. Bij boksers die voortdurend rake klappen op hun hoofd krijgen, speelt dat ook. Je zou kunnen zeggen nevenschade. Zou er bij acteren naast het plezier van het uiten van emoties ook sprake van nevenschade kunnen zijn? Maar misschien is dit onderwerp taboe. Zouden ze op de Toneelschool daar inzicht in krijgen? Geen flauw idee. Misschien kan ik het Jacob eens vragen als ik hem ooit ontmoet. Dat zou voor mij een droomdag zijn. Een ochtend meelopen met Jacob Derwig tijdens een opnamedag. Even babbelen met kleine Piet. Dan samen lunchen met Jacob en Kim. In de middag een workshop scenarioschrijven volgen bij Kim van Kooten. Droom Groot zou Eva Jinek zeggen. Een fantastisch boek by the way. Nog drie afleveringen te gaan en zondagavond 27 maart is de zesde aflevering van de serie De verschrikkelijke jaren tachtig 21.15 uur bij de VPRO. Ik zit er klaar voor.



Creativiteit gesmoord in de kiem



In mijn tienerjaren vond ik het leuk om kleren te maken. Daarmee trad ik in de voetsporen van mijn moeder want ook zij zat vaak achter de naaimachine. Samen gingen we regelmatig naar de markt op de Meent in Rotterdam om stof te kopen. Altijd in de uitverkoop. Mijn moeder had een goed gevoel voor stof, materiaal, kwaliteit en kende ook alle stoffen bij naam: keperkatoen, ribfluweel, damast, ruwe zijde, kasjmier, triviera, linnen of een simpel katoentje. Ze wist ook dat een jurk die schuin van draad geknipt was, heel mooi viel. Als je bij haar kwam dan voelde ze altijd even aan de stof van je jurk of wollen vest en keek daarbij kritisch naar het materiaal door de leesglaasjes van haar bril. Niet iedereen vond dit een leuke gewoonte. Nu doe ik het zelf.

In een creatieve bui, het was rond 1976 stond ik met twee versleten spijkerbroeken in mijn handen. Van de ene kon ik eigenlijk geen afstand doen, het was een Wrangler. Ik knipte de broek open aan de binnenzijde van de pijpen en knipte het kruis weg.

In de driehoek die zo ontstond, stikte ik met de naaimachine de pijpen van de andere broek. Zowel voor als achter. Zie daar mijn nieuwe maxirok van spijkerstof. De kont van de broek zat er nog goed in. 

Mijn moeder had een hekel aan die rok. Ze verstopte hem wel eens in de werkkast tot mijn grote ergernis. Dat had natuurlijk een alarmbel moeten doen rinkelen maar nee, ik was zo verliefd op die rok en ging ermee naar school, de Gerefomeerde Scholengemeenschap in Rotterdam, de GSR. Het was trouwens best moeilijk fietsen in zo’n strakke rok.


Aangekomen op de Meindert Hobbemalaan in Kralingen liep ik de gang in waar Roth en Meier je altijd stonden op te wachten. Ik was wat aan de late kant en liep goed in het vizier voor de heren. 

Roth keek naar mijn nieuwe outfit en vroeg schamper: 

‘Wat is dat?’

‘Dat is een rok, die ik zelf heb gemaakt.’

‘Je mag nu doorlopen maar ik wil je er nooit meer in zien.’

‘Waarom niet? Je ziet toch niks? Hij is tot op m’n enkels!?’

‘Als jij die rok morgen weer aanhebt, kun je gelijk naar huis vertrekken. Linea-recta!’

‘Nou zeg, als het nou een hotpants was….’

‘Naar je klas!’

En zo droop ik af. De rok heb ik thuis nog wel tegen de zin van m’n moeder gedragen maar naar school durfde ik niet meer.


Dit verhaal schreef ik voor het GSR-reünie-boekje van klasgenoten toen we op de leeftijd van zestig jaar bij elkaar kwamen. 

Godsbeelden in regenboogkleuren



Dit blog is een vervolg op het voorgaande blog Ruimer geloven met God 9.0. Het is een verslag van het tweede college dat Dr. Piet van Veldhuizen gaf aan de Academie voor Geesteswetenschappen. We zien dat er godsbeelden zijn in alle kleuren van de regenboog en kijken ernaar vanuit het model Spiral dynamics. 
Elke kleurlaag ziet God op een eigen manier en heeft een eigen godsbeeld. Een rood godsbeeld verschilt nogal van een geel godsbeeld. Door dit te onderkennen, rijpt het begrip voor overtuigingen en geloven die je om je heen ziet. Misschien herken je het wel binnen je eigen familie. Zo kom ik uit een blauwe kerk met God als oppermachtig wezen op de troon. Regels waren belangrijk. Tweemaal op zondag naar de kerk was de norm. Op mijn 12e ging ik naar catechisatie en op mijn 18e moest ik belijdenis doen. Toen begon ik al uit de pas te lopen want ik wachtte een jaar en was al negentien. Waar komt dat blauwe godsbeeld vandaan? We starten bij het begin, bij de kleur beige.

Rituelen en angsten

Beige laag 1 - Dit beeld gaat terug op het moederlichaam: voedend, verwarmend, beschermend en omhullend. Daar blijven we de rest van ons leven naar terugverlangen.

Het godsbeeld is vaak mannelijk, rood (strijdbaar) en blauw. Beige brengt het vrouwelijke en het moederlijke van het godsbeeld terug, dat is het verrijkende aan dit godsbeeld want dat is gaandeweg verdwenen in de mannelijke religie. De latere figuur van Maria geeft hier invulling aan als moeder van God.

Paars laag 2 - Er is nu een buitenwereld. Jij en je moeder samen tegen de buitenwereld. Dat gaat via bezweringen en rituelen. Zo komen er gebeden, ritmes, rituelen om te onderhandelen met God. Je moet de lijntjes onderhouden. Dat kan liefdevol en vanuit bewondering. Maar hier komen ook de angsten om de hoek kijken omdat het goddelijke zo groot is en jij zo klein. In paars heeft God een persoonlijk gezicht, net als de zon en de maan goden en krachten zijn.

Rood Laag 3 - Het godsbeeld is hier de grote bondgenoot of de grote tegenstander. Mijn God tegenover jouw God. Dat zie je nu nog om je heen in bijvoorbeeld de strijd van de God van orthodoxe christenen (bondgenoot) tegenover Allah van de Islam (tegenstander). Het godsbeeld is sterk geworteld in het ego dat ondersteuning nodig heeft vanuit het absolute. In Rood wordt God een krachtig, strijdbaar persoon.




Ruimte voor twijfel
Blauw Laag 4 - God wordt hier keizer, koning, rechter, het liefst met een hoofdletter. Op een troon zit hij. In de Bijbel wordt dat maar vier keer genoemd maar veel kerken gaan ermee aan de haal. Ook in de katholieke kerk is het een sterk beeld. Het is een veilig beeld waarin het contact verloopt via gehoorzaamheid. Voor rebellen is hier geen plek. De gebeden in blauw zijn eerbiedig. Blauw gelooft eigenlijk vanuit angstige, voorwaardelijke liefde. Als je dit godsbeeld loslaat, ben je alles kwijt denkt men. Dat is de angst die de stap naar oranje belemmert.
Oranje laag 5 - Dit is de laag van de menselijke autonomie. De mens zoekt zijn eigen waarheid. Er komt plek voor twijfel. Het beeld van God als ‘de verdwijnende gatenvuller’. De natuurwetenschap geeft de verklaringen en daarvoor is God niet meer nodig. Regen en bliksem komen niet van God weten we uit de wetenschap. God vult alleen nog de gaatjes op in onze kennis maar in een oranje godsbeeld wil men alle gaten opvullen met kennis. Dat is echter een schrikbeeld voor de traditionele gelovigen en de theologie want God verdwijnt zo wel heel erg naar de achtergrond. Hoe zit het met zingeving als God helemaal wordt wegverklaard? Waar geloof je nog in? Is alleen het kenbare geldig? Het existentialisme komt hier op. De orthodoxen willen mensen nog steeds van oranje naar blauw terughalen maar dat is eigenlijk een verloren front. Het gaat om verder ontwikkelen naar een volgende kring en niet terugvallen naar het oude, vertrouwde. Mensen maken deze ontwikkeling vaak individueel door en deze wordt niet gesteund door de instituties. Oranje, daar moet je dwars doorheen. Daarna ga je nooit meer terug en behoud je je kritisch denken. Je loopt nu niet meer overal achteraan en je kritisch vermogen gaat mee op je pad.


Inclusiviteit

Groen laag 6 - God is kwijt in het godsbeeld. Jezus komt ervoor in de plaats als toonbeeld van mensenliefde en inclusiviteit. We vragen even niet meer naar het bestaan van God maar volgen Jezus. Doe gewoon wat Jezus deed als degene die alles en iedereen omarmt. De film Jesus Christ Superstar  is een grote inspiratiebron voor groen. Alle geloofsstromingen worden hier omarmd. Het gaat om uitwisseling met andersdenkenden. Welzijnswerk en naastenliefde staan hoog aangeschreven. Mensen cijferen zichzelf weg, opoffering wordt gevraagd. Een behoefte om voortdurend te willen delen: hoe gaat het nu met je? Dat is soms eindeloos vermoeiend. Groen heeft een sterke hulpverlenersinslag waarin mensen zich kunnen verliezen. Maar soms blijkt dat mensen helemaal niet geholpen willen worden. Dan wordt het tijd jezelf te helpen.


God is in jou

Geel laag 7 - Hier komt de focus in beeld. Weg met de groene gezelligheid. Je kiest voor meditatie, loopt naar Santiago of gaat yoga doen. Je ziet dat al die lagen hun kracht hebben. Voor het eerst durf je op je intuïtie te varen. In geel gaan mensen beleven dat God in jou is en jij in God. Je participeert in het alomvattende verband van het universum, het grote al of non-dualiteit. Sommigen hebben nog een persoonlijk godsbeeld, anderen laten het persoonlijke beeld los omdat God daarin niet te vangen is. Al onze begrippen over God schieten tekort. Het blijft altijd een verbeelding. De formulering die hier past is: ‘God is datgene wat ons overstijgt en waar we toch deel aan hebben.’  Geel ziet dat je alle lagen hebt moeten doorlopen. Geel herkent de mankementen van de lagen maar ziet ook het mooie ervan. Het heeft je gebracht waar je nu bent.

Turquoise laag 8 - Ik en wij komen steeds dichterbij elkaar. Er ontstaat een holistisch bewustzijn. God is de energetische spanning op het netwerk. De dingen bestaan niet; de beweging bestaat. God is de beweging in alles. De beweging is bezield  zegt Whitehead in God 9.0.

Koraal laag 9 - We grijpen uit boven wat we kunnen waarnemen. God is allen in allen. God als het bezielde gezicht van het totale zijn. God als stuwkracht in de vormgeving van het bestaan. Spinoza zat hier in zijn gedachtegoed dicht tegenaan met het pantheïsme, de bezieling van het geheel, de natuur waar we soms een glimp van opvangen. Hier kunnen we nog niet helemaal bij. Toekomstmuziek.



Durven laten

Dit roept vragen op zoals: ‘Ben je tolerant ten opzichte van intoleranten?’
‘Is er ruimte voor andersdenkenden?’
‘Kun je ruimte geven aan mensen met wie je het grondig oneens bent?’
Uiteindelijk leven we samen. Hoe maak je ruimte voor goed contact? Van Veldhuizen adviseert: “Probeer mensen nooit in jouw wereldbeeld te trekken. Je moet mensen durven laten waar ze zijn.”

Vanuit de ruimte kunnen er vragen ontstaan of toenadering. Of niet. Je kunt bevorderen dat mensen in aanraking komen met andere zienswijzen. Wat dat betreft zijn de afgelopen twee jaar in coronatijd interessant. De manier van spreken is oranje: meten is weten. De regels zijn blauw. De complotdenkers vallen terug op paars. Al die lagen verdragen zich moeilijk tot elkaar. Kan het een opmaat zijn naar een stap verder in onze ontwikkeling? We weten het niet want we zitten er middenin bovendien is er ook nog een oorlog overheen gekomen. Een boek als God 9.0 is een leidraad en inspiratiebron in woelige tijden. Ook voor 'ongelovigen'.




Titel: God 9.0 - de spirituele kansen van het Christendom

Auteurs: Marion Küstenmacher, Tilmann Haberer, Werner Tiki Küstenmacher

Uitgave: in eigen beheer

Vertaling: Dr. Piet van Veldhuizen

Bestellen: www.woordenmetzielenzin.nl

Ruimer geloven met God 9.0






Dr. Piet van Veldhuizen geeft in februari 2022 een serie colleges bij de Academie voor Geesteswetenschappen naar aanleiding van het boek God 9.0 met als ondertitel: de spirituele groeikansen van het christendom. Van Veldhuizen vertelt in zijn eerste college meteen een anekdote. Hij zat bij een gezelschap van recensenten van spirituele boeken. Hij was een beetje geïrriteerd door de modieuze titel van het boek en dacht dat de inhoud niet veel kon zijn.
Geef dat boek maar aan mij” zei hij tegen de groep en hij dacht snel klaar te zijn met zijn recensie. Meer dan een paar zinnen zou hij er niet aan vuil maken. Het in het Duits geschreven boek raakte hem echter in zijn ziel. Hij had het nauwelijks uit of sprong in de auto naar München waar de drie schrijvers vandaan komen. Een sterk gevoel dat hij de auteurs moest ontmoeten, drong zich op. De rest is geschiedenis. Hij heeft het boek vertaald en geeft inmiddels lezingen en cursussen over God 9.0. Het Nederlandse publiek kan kennismaken met een andere kijk op geloof en christendom.

Uit de blauwe kerk

Uit onze middelbareschooltijd ken ik Piet als klasgenoot en zodoende leerde ik onlangs het boek God 9.0 kennen. Het boek raakte ook mij op een bijzondere manier. Als 12-jarig meisje ging ik naar de vrijgemaakte school in Rotterdam. Met frisse tegenzin. Het was de kerk van mijn ouders, het GPV en artikel 31. Daarna ging ik studeren in Utrecht en op mijn 23e stapte ik in 1983 uit de Gereformeerd Vrijgemaakte kerk. Van de kansel werd afgelezen: Aan de gemeenschap der Heiligen heeft zich onttrokken mejuffrouw Elsje Vegter.” Ik was blij dat het in Utrecht was en dat mijn moeder uit Rotterdam deze zin niet hoefde te horen. Ze zou nog denken dat ik naar de hel ging.

Ik was dan wel uit de blauwe kerk gestapt, maar de kerk niet uit mij. Mijn belangstelling voor zingeving, persoonlijke groei en wijsheid nam in de loop der jaren toe. Waar Piet de titel 9.0 irritant vond, sprak deze mij juist tot de verbeelding. Eigentijds en vernieuwend. Ik associeerde hem met updates, harde schijf, software en besturingssystemen. Ik had zin om God 9.0 te lezen. Het mooiste cadeau dat het boek mij heeft gegeven is het inzicht dat ik erbij hoor. Dat ik geen vreemde ex-gelovige ben maar er mag zijn met mijn eigen oranje, groene, gele en turquoise overtuigingen en inzichten. Uiteraard geldt dat ook voor mijn broeders en zusters die in andere lagen en kringen bewegen. De uitdaging is samen te groeien, elkaar te zien, te ontmoeten of te laten en te respecteren.


Het is maar een model

In de eerste les gaat Piet in op de negen verschillende lagen. Het is belangrijk om het model als een hulpstuk te zien en niet als de realiteit. Het model komt uit Spiral dynamics, een model dat in het bedrijfsleven wordt gebruikt om teams van mensen goed op elkaar af te stemmen. Voor elke laag wordt een kleur gebruikt. Een model dat ook voor het christendom en haar godsbeelden dienst kan doen. Uiteindelijk kan het model helpen om met meer ruimte naar de andersdenkende medemens te kijken. De auteurs baseren zich hierbij op de inzichten van Ken Wilber. De lagen zijn geen levelsalsof je van laag naar hoog ontwikkelt. Het zijn eerder bewustzijnsruimtes die opschuiven en afwisselen tussen een ik-laag en een wij-laag.

Steeds ontstaat weer een nieuwe kring die voortbouwt op de vorige en waardoor zich nieuwe elementen zoals angst om iets kwijt te raken zich aandienen. Ontwikkeling is altijd spannend.


Jezelf bevrijden

Om een indruk van het model te krijgen, gaan we de lagen langs.

De eerste laag is een ik-laag, de basis in de kleur beige. Hier gaat het over basisveiligheid en overlevingskansen. Het beeld van het kind dat de moederborst zoekt. In religie zou je het kunnen vertalen als troost zoeken bij Maria.

De tweede kring is een wij-laag en is paars van kleur. Dit is een magische laag waar de rituelen thuishoren. Het kaarsje branden voor een dierbare. Het avondmaal, de wierook of Latijnse teksten in de kerk. Het gaat over betovering maar ook over de angsten bezweren.

De derde laag is weer een ik-laag en is rood. Hier zetelt het ego, het ik, de woede en ook degene die grenzen stelt. Tot hier en niet verder. Een kwaliteit die noodzakelijk is in het leven en begint bij de kleuter die ‘nee’ krijst.

De volgende laag is blauw en is weer een wij-laag. Hier gaat het over loyaliteit en discipline. Het gaat over regels en dogmas. Enerzijds geven ze veiligheid, anderzijds kunnen ze beknellend worden en de ontwikkeling in de weg staan. In de kinderjaren is het de fase van de leerling. 

De vijfde laag is oranje en is een ik-laag. De leerling wordt puber en stelt alles ter discussie. Het gaat over de eigen waarheid ontdekken, experimenteren en jezelf bevrijden van het gezag. Binnen het christendom is dit de ‘God is dood’-periode. In de wetenschap staat oranje voor het intellectuele. Meten is weten. Vanuit oranje kan er smalend over een geiten-wollen-sokken-geloof worden gesproken. Voor spiritualiteit haalt oranje de neus op.


Omgaan met paradoxen

Groen is de zesde laag en is weer een wij-laag. Het gaat over nieuwe verbondenheid en inclusiviteit. Dieren, daklozen, alles en iedereen hoort erbij. De insteek is egalitair, consensus is belangrijk. In het christendom is Jezus hier een belangrijke figuur als inspirator. De sociale goedheid van groen kan ook doorslaan waardoor het iets vermoeiends krijgt, denk aan eindeloze vergaderingen waar iedereen zijn zegje mag doen. Daar volgt een reactie op in geel. 

Een ik-laag die veel vrijzinniger is. Eenzaam ook, maar wel verbonden met het geheel. Dit is beige in een hogere macht zou je kunnen zeggen. In het model begint hier de tweede rang. De fase begint waarin je met waardering terugkijkt op alle vorige lagen. Het gaat erom alle lagen in jezelf te koesteren want je hebt ze allemaal nodig. Het betekent ook andere mensen laten zijn waar ze zitten. Het inzicht breekt door dat je niet alles hoeft te weten. Niet alle vragen hoeven beantwoord te worden. Het is de laag van het omgaan met paradoxen.

De achtste laag is turquoise en is een wij-laag. Het is de hogere macht van paars. Het universum wordt ervaren als een bewegend organisme. Het ‘waar’ laten zijn van alle verbanden die er zijn. Denk aan helderziendheid, harmonie, vertrouwen op de kosmos, universaliteit en God als pulserend proces. De waarden die hier gelden, zijn waarheid, goedheid en schoonheid.


Greta Thunberg

En dan tenslotte de 9.0 laag met de prachtige kleur koraal. Het is een ik-laag die nog in nevelen is gehuld. Het is rood in de hogere macht. God als datgene wat wij kunnen worden. We weten er nog weinig van. Sommigen noemen Greta Thunberg als een mogelijke afspiegeling. Ze gaat ervoor en wacht niet op draagvlak. Er is geen verschil meer in het belang van ik en het belang van wij.

In het boek God 9.0 is een zelftest toegevoegd zodat je kunt kijken in welke lagen jij zelf beweegt. Je beweegt altijd in meerdere lagen. Een mens is in ontwikkeling op verschillende vlakken, emotioneel, cognitief, moreel en spiritueel. Deze pijlers bewegen zich vaak in verschillende kleurkringen. Het model uit Spiral dynamics is een evolutionair model zowel voor bedrijven als individuen en ook voor religie. Er zit groei in. We zijn altijd op weg naar het wijdere perspectief. Uiteindelijk naar non-dualiteit waarin alles in alles is. Het volgende blog gaat in op de godsbeelden binnen religie.


Titel: God 9.0 - de spirituele kansen van het Christendom
Auteurs: Marion Küstenmacher, Tilmann Haberer, Werner Tiki Küstenmacher
Uitgave: in eigen beheer
Vertaling: Dr. Piet van Veldhuizen
Bestellen: www.woordenmetzielenzin.nl



Viering in TBS-kliniek

De controlelampjes flikkeren felrood en een hoge piep ontsnapt aan de controlepoortjes. Sinds een tijdje bezoek ik regelmatig de vieringen o...